Oorschelpcorrectie

Afstaande oorschelpen:
Het hebben van afstaande oorschelpen, in de volksmond “flaporen” genoemd, is een afwijking die meestal reeds vanaf de geboorte zichtbaar is. De eerste levensjaren kan de afwijking geleidelijk toenemen. Meestal is het een familiale aandoening, waarbij hetzij de vader, hetzij de moeder een zekere vorm van flaporen heeft. In sommige gevallen komen flaporen echter niet in de familie voor. Vaak denkt men dat er een of twee oren tijdens de zwangerschap “dubbel” hebben gelegen. Hoewel dit niet bewezen is, is dit waarschijnlijk niet het geval. Flaporen veroorzaken niet of nauwelijks lichamelijk ongemak. Zodra een kind echter naar school gaat, kunnen er spottende opmerkingen door andere kinderen gemaakt worden. Hierdoor kunnen psychische en/of gedragsproblemen ontstaan. Het is belangrijk dat een kind zich zelf bewust is van de afwijking en zelf de operatieve correctie wil. Indien de operatie door de ouders wordt opgedrongen zonder dat het kind dit begrijpt of wil, kunnen er tijdens de
behandeling problemen ontstaan (huilbuien, op het laatste moment operatie moeten afzeggen, psychische problemen na de operatie, enz.).

De gang van zaken:
Operatieve correctie wordt meestal uitgevoerd rond de leeftijd van 5 jaar. Op latere leeftijd (volwassenen) is correctie eveneens mogelijk. In de kinderjaren wordt de operatie onder narcose uitgevoerd, bij volwassenen onder plaatselijke verdoving. Afhankelijk van het kind kan plaatselijke verdoving al vanaf het 10e jaar toegepast worden. De ingreep vindt plaats in dagverpleging in de Reinaert Kliniek.

Voorbereiding:

  • Zorg voor voldoende nachtrust in de nacht voor de operatie.
  • Als u onder plaatselijke verdoving geholpen wordt, mag u op de dag van de opname tot 07.00 uur ’s morgens een licht ontbijt gebruiken. D.w.z. een droog beschuitje met thee, water of appelsap (geen melkproducten en geen koffie).
  • Als u algehele narcose krijgt, dient u als u ’s morgens geholpen wordt nuchter naar de Reinaert Kliniek te komen. D.w.z. dat u vanaf 24.00 in de nacht voorafgaande aan de operatie niet meer mag eten, drinken en roken. Indien u ’s middags geholpen wordt mag u tot 07.00 uur een licht ontbijt gebruiken. D.w.z. een droog beschuitje met thee, water of appelsap (geen melkproducten en geen koffie).
  • Een klein slokje water om medicijnen in te nemen of tanden te poetsen is toegestaan.
  • Houdt u zich voor, tijdens en na de operatie zo veel mogelijk aan de aanwijzingen van het aanwezige deskundige team die voor u het verblijf in onze kliniek zo aangenaam mogelijk maken. Aarzel niet om vragen te stellen. Geef eventuele bijzonderheden (bijvoorbeeld koorts, verkoudheid of wondjes) op de dag voor de ingreep aan ons door.

 

Voor de operatie:

  • Als de ingreep onder plaatselijke verdoving plaatsvindt, krijgt u op de afdeling een kalmeringstablet.•    Het is van belang dat u de plastisch chirurg op de hoogte stelt van eventuele vroeger doorgemaakte ziekten en/of de medicatie die u op het moment gebruikt.
  • Het gebruik van antistollingstabletten of medicijnen die invloed hebben op de bloedingstijd (bijvoorbeeld Aspirine, Acetylsalicylzuur, Acetosal, Voltaren, Diclofenac, Brufen, Nurofen, Naproxen, Naprosine) dient u minstens 1 week voor de operatie te stoppen.

De operatie:
Voor de operatie wordt de huid rondom het oor goed schoongemaakt. Wanneer gewerkt wordt met plaatselijke verdoving wordt deze vervolgens met een fijn naaldje voor en achter de oorschelp ingespoten. Het geven van deze injectie is het enige dat u zult voelen. Wanneer u daarna nog pijn zou voelen, dient u dit aan de specialist te melden. Tijdens de operatie wordt de huid achter de oorschelp weggehaald en wordt het kraakbeen van het oor ingesneden en naar achteren geplooid, zodat de oorschelp recht gaat staan. Daarna krijgt u een groot verband (soort tulband).

Na de operatie:
Na de operatie gaat u nog enige tijd ter observatie naar de afdeling. Wanneer u onder volledige narcose bent geholpen, krijgt u op de afdeling niets te eten of te drinken. U mag hier pas weer mee beginnen als u thuis bent. Wanneer plaatselijke verdoving is toegepast, krijgt u op de afdeling meteen iets te drinken. Daarnaast wordt u een broodmaaltijd aangeboden.
U dient te zorgen voor begeleiding en passend vervoer. Reizen per openbaar vervoer wordt u ten sterkste ontraden. Indien de specialist het nodig acht, kan na de operatie alsnog besloten worden tot opname in de Reinaert Kliniek.

De nazorg:

  • De eerste avond en nacht kunt u enige napijn verwachten. Hiervoor zal de verpleegkundige van de afdeling een recept voor pijnstillers meegeven.
  • Meestal is de pijn na 24 à 48 uur volledig verdwenen.
  • Indien het verband gaat schuiven of indien u na 48 uur nog veel pijn hebt, kunt u contact opnemen met de Reinaert Kliniek.
  • U dient gedurende 1 week rust te houden en het verband te laten zitten.
  • Het is belangrijk dat u gedurende de eerste dagen niet gaat bukken en geen inspannend werd doet. U loopt anders het risico dat de oren meer gaan zwellen en meer pijn gaan doen. Ook is de kans op een nabloeding groter. Wij adviseren u om geopereerde kinderen niet buiten te laten spelen maar thuis onder toezicht te houden.
  • Het is niet toegestaan op de zij te slapen. Het oor waarop u ligt kan anders meer gaan zwellen en pijn doen.
  • Na 1 week komt u terug op het spreekuur van de plastisch chirurg. Het verband wordt dan volledig verwijderd en de oorschelpen worden bekeken. Daarna wordt een kleiner verband op de oren aangebracht dat opnieuw gedurende 1 week moeten blijven zitten.
  • Na 2 weken worden eventuele hechtingen verwijderd en blijven de oren overdag zonder verband. ’s Nachts dient u nog gedurende 3 weken een klein verband (zwachtel of bandje) over de oorschelpen aan te brengen om beschadigingen tijdens de slaap te voorkomen.

 

Resultaten:
De oorschelpen zullen er na enige weken normaal uitzien. Omdat het litteken volledig achter de oorschelp zit, zal een buitenstaander niets merken. In sommige gevallen kunnen de oorschelpen in het begin te plat lijken. Dit is meestal tijdelijk, aangezien het oor spontaan nog iets terugveert. In het begin kan het gevoel in de oorschelp verminderd zijn. Geleidelijk zal het gevoel terugkeren tot normaal.

Mogelijke complicaties:
Alhoewel de plastisch chirurg zijn uiterste best zal doen complicaties te vermijden, kunnen deze zich na elke operatie voordoen.

  • Een geringe bloeduitstorting is normaal en zal spontaan verdwijnen.
  • Bij ernstige bloeduitstortingen of nabloeding zal soms een opname en drainage noodzakelijk zijn. Drainage betekent dat een kunststof buisje in de wond wordt gebracht waardoor bloed en ander wondvocht naar buiten kan afvloeien.

 

Op langere termijn kunnen mogelijke andere complicaties optreden:

  • Verkleuring van de huid of drukplekjes op de huid
  • Slechte wondgenezing
  • Onvoldoende correctie van de stand van de oorschelpen
  • Als late complicatie treedt in zeldzame gevallen “littekenhypertrofie” op (=dik en hobbelig worden van het litteken achter de oorschelp). In een dergelijk geval dient behandeling van de littekens plaats te vinden.

Begeleiding:
Het is mogelijk dat 1 begeleider meegaat op de dag van de operatie. Deze begeleidende persoon mag direct na de ingreep op de uitslaapzaal aanwezig zijn.

Overige informatie:

  • Trek makkelijke kleding aan. U krijgt van ons een OK-hemd aan voor de operatie.
  • Het is mogelijk kleding op te bergen in een afsluitbare kast.
  • Op de dag van de operatie mag u geen nagellak of make-up gebruiken. Het is raadzaam om sieraden thuis te laten en piercings indien mogelijk te verwijderen.
  • Als er bijzonderheden zijn op de dag van de operatie (bijvoorbeeld koorts), geef dit dan vooraf door aan de arts.
  • Na de operatie kunt u niet zelf terugrijden naar huis! Laat u door iemand ophalen.

 

BACK