Informatie kaakchirurgische behandeling
De procedure
Na plaatselijke verdoving wordt het gebied van de ingreep met een doek afgedekt. Tijdens de behandeling wordt na het aanbrengen van een snede en het afschuiven van het beenvlies zo nodig wat bot weg geboord. U voelt hierbij het trillen van de boor, maar het doet geen pijn. Meestal wordt het tandvlees gehecht met materiaal dat vanzelf oplost. Verreweg de meeste ingrepen in de kaakchirurgische praktijk zijn routinehandelingen. Toch kan er bij hoge uitzondering wel eens een complicatie optreden. Bijna altijd kan de kaakchirurg de kans daarop vooraf inschatten. Hij zal dat dan ook met u bespreken.
Beschadigingen
De kans bestaat, hoe klein dan ook, dat er onbedoeld schade ontstaat aan een ander gebitselement. Zo kunnen van grote vullingen stukjes afbrokkelen of kunnen kronen e.d. los gaan zitten. In dat geval zal de kaakchirurg uw tandarts vragen een en ander te herstellen.
Zenuwuitval
Soms liggen de wortels van de kiezen in de onderkaak dicht tegen de zenuw aan die onder meer voor het gevoel in de onderlip en kin zorgt. Daarom kan, nadat de verdoving is uitgewerkt, het verdoofde gevoel in de onderlip of de tongrand aanblijven. Door de behandeling kan deze zenuw ongewild ook beschadigd worden. Hetzelfde geldt voor de zenuw die het gevoel in één helft van de tong verzorgt en die aan de tongzijde vlak naast de onderkaak loopt. Bijna altijd herstelt zich dat spontaan binnen een aantal weken of maanden.
Open verbinding naar de kaakholte
Soms steken de wortels van de bovenkiezen uit in de kaakholte. Als deze kiezen worden verwijderd, kan een verbinding tussen de mond en de kaakholte ontstaan. Door deze opening kan speeksel in de neusbijholte komen, waardoor een ontsteking kan ontstaan. Daarom moet een dergelijke verbinding nauwkeurig worden gesloten. Het is heel belangrijk dat u daarna gedurende 2 weken drukverschillen tussen de neus en de mond vermijdt om te voorkomen dat de verbinding weer open gaat. Dus niet hard blazen, zuigen of snuiten. Moet u niezen, houdt de mond dan open. De eerste twee dagen kan er wat bloed uit de neus komen. Dat is normaal en houdt vanzelf op. In een zeer klein aantal gevallen kan ondanks voorzorgsmaatregelen evenwel een (tijdelijke) kaakholteontsteking volgen.
Kaakfractuur
Bij zeer hoge uitzondering kan door het verwijderen van een kies, hoe zorgvuldig ook uitgevoerd, een barst in de onderkaak ontstaan. De kans daarop wordt geschat op 1 op de 50.000 behandelingen
Nabezwaren
Na de behandeling is het normaal dat u pijn krijgt. De plaatselijke verdoving is na 2 tot 4 uur uitgewerkt. U kunt het beste met de pijnstillers beginnen voordat de plaatselijke verdoving volledig is uitgewerkt. U kunt de pijn bestrijden met paracetamol, te verkrijgen bij drogist en apotheek. Zo nodig wordt een andere pijnstiller voorgeschreven. Een dikke wang, een blauwgele verkleuring zijn normaal. De zwelling neemt doorgaans na 3 tot 5 dagen weer af. Als dat niet het geval is, moet u contact opnemen met de afdeling. Ook een beperkte mondopening komt na een operatieve ingreep vaak voor. Na enige dagen is de mondopening weer normaal. U kunt zelf proberen door oefening de mond verder te openen. Gedurende de eerste dagen kan koorts voorkomen. Koorts, zelfs tot 39 graden, is gedurende de eerste dagen normaal. Krijgt u plotseling hoge koorts boven 39 graden of blijft de koorts langer dan 5 dagen bestaan, neem dan contact op met de afdeling.
Nabloeding
Gedurende de eerste dagen kunnen bloedstolsels het speeksel rood kleuren, waardoor de indruk kan ontstaan dat er sprake is van een nabloeding. Dit is echter zelden het geval. Bij een nabloeding is er meer bloed dan speeksel in de mond. In dat geval dient u gedurende een ½ uur stevig dichtbijten op een dubbel gevouwen verbandgaas of zakdoek. U mag geen watten gebruiken of tussentijds kijken of het bloeden al gestopt is. Stopt het bloeden hierna niet, herhaal dan de procedure. Helpt dat weer niet, neem dan contact op met de afdeling. Soms krijgt u na de behandeling een gaasje om op dicht te bijten. Dit gaasje kunt u na een ½ uur uitspugen.
Eten en drinken
De eerste 6 uur na de ingreep moet u geen zeer warme, zeer koude of alcoholhoudende dranken gebruiken. De eerste dagen na de ingreep kunt u beter geen (erg) hard voedsel gebruiken om de wond te ontzien.
Mondhygiëne
De wond geneest het beste wanneer het bloed goed kan stollen. Daarom mag u de eerste 24 uur de mond niet schoonspoelen. Ook moet u de wond niet met de vingers aanraken. Een schone mond geneest beter dan een vieze. Vanaf de tweede dag kunt u de tanden en kiezen weer normaal met een zachte tandenborstel poetsen, maar wees voorzichtig in de buurt van de wond. Als het poetsen door een verminderde mondopening niet lukt, kunt u na iedere maaltijd spoelen met een oplossing van een halve theelepel keukenzout in een glas lauw water.
Roken en alcohol
U kunt beter de eerste dag niet roken en geen alcohol drinken. Beide zijn slecht voor de wondgenezing.
Hechtingen
Meestal wordt gehecht met materiaal dat na één tot twee weken vanzelf oplost. Als dat niet het geval is, krijgt u een afspraak om de hechtingen te laten verwijderen. Soms wordt in het wondje van een verstandskies een gaasje met een ontsmettend medicament geplaatst om ontsteking tegen te gaan. Als dat het geval is, krijgt u een afspraak om het gaasje te laten verwijderen.
Wortelpuntbehandeling
Indien voor de behandeling van een wortelpunt een gaatje in de tand of kies is geboord om het wortelkanaal schoon te kunnen maken, zal dit gaatje met een noodvulling worden afgesloten. Deze moet binnen 2 tot 4 weken door uw tandarts worden vervangen.




